In zijn nieuwjaarstoespraak
voor de gestelde lichamen van
Limburg heeft gouverneur
Herman Reynders gisteren
gepleit voor een Limburgplan
bis. Dat plan moet er volgens
hem om twee redenen komen.
Eén: het Limburgplan waarmee
de Vlaamse regering en ons
provinciebestuur de voorbije
vijf jaar bijna 700 miljoen euro investeerden om
de sociaal-economische achterstand van onze provincie
weg te werken, loopt af en de nog lopende
projecten verdienen opvolging. Of het nu gaat om de
Noord-Zuid, de achterstand inzake rusthuisbedden,
innovatieve of andere belangrijke projecten.
Twee: nu Limburg zijn achterstand voor een groot
stuk heeft weggewerkt en een gewone Vlaamse provincie
is geworden, moet het zijn rechtmatig deel van
de middelen blijven krijgen. Dat onze provincie een
sterspeler als de Limburgse Reconversiemaatschappij
LRM in huis heeft, kan en mag niet als excuus
gebruikt worden om ons minder Vlaamse, federale
en Europese middelen te geven dan waar we recht
op hebben.
Tegen juni wil Herman Reynders samen met de
deputatie een werknota klaar hebben over het hoe
en wat van het Limburgplan bis. Over de inhoud
van dat nieuwe plan kon de gouverneur gisteren
weinig zeggen. De master rechten aan de Universiteit
Hasselt, een derde rijstrook
op de E313, investeringen in
veiligere wegen, impulsen voor
onze automobielsector, nieuwe
innovatieve projecten... het zijn
stuk voor stuk projecten die
ontzettend belangrijk zijn voor
Limburg. Op welke projecten
moet worden ingezet, is werk
voor de komende maanden.
Waar het de gouverneur vooral om te doen is, is
dat Limburg een nieuw mobiliserend project krijgt
waarbij objectieven naar voren worden geschoven
die door middel van concrete projecten tegen een
bepaalde datum gehaald worden. Met de LRM en
zijn kleinere neefje LSM (Limburg Sterk Merk, dat
jaarlijks dividenden van de LRM krijgt) heeft onze
provincie alleszins de middelen in handen om dat
zelf te doen.
Het kom er dus op aan te doen waar wij, Limburgers,
altijd zo goed in geweest zijn: de krachten bundelen.
De politiek, de werkgeversorganisaties en de
vakbonden, het middenveld, onze sterke bedrijven
en vele kmo’s, zelfs u en ik, we hebben er belang bij
om de gouverneur te steunen. Omdat Limburg een
dynamische provincie moet blijven, een solidaire en
gezellige provincie, een provincie met aantrekkelijke
jobs, een veilige provincie waar het goed wonen is, een
provincie waar we fier op kunnen blijven. Dat zijn we
onze kinderen en kleinkinderen verplicht.
Europees president Herman
Van Rompuy begon gisteren
zijn eerste werkdag in zijn
nieuwe functie met het luiden
van een klok. Vaak is dat een
alarmsignaal. Maar gisteren
gaf Van Rompuy een optimistische
zin aan zijn eerste publieke
daad als voorzitter van de
Europese Raad. Na het annus
horribilis 2009 kan het dit jaar alleen maar beter gaan
voor Europa, zo zei onze landgenoot terwijl hij het
beursjaar inluidde. Een hoopvolle boodschap van
de man die er de komende jaren moet voor zorgen
dat het zo vermoeid ogende project Europa weer wat
hoop en geloof - en wie weet zelfs een beetje liefde
- losmaakt bij de sceptische Europeanen.
President Van Rompuy zet deze week zijn kennismakingsronde
langs de Europese hoofdsteden
verder met bezoeken aan Den Haag en Madrid. In
de eerste stad ontmoet hij een ex-collega-premier
die vorig jaar plots een officieuze rivaal voor het
Europese presidentschap werd. In Madrid treft hij
een collega-president, de premier van het land dat
momenteel het wisselende voorzitterschap van de
Europese Unie bezet.
De twee ontmoetingen geven al aan wat de eerste
taken van de nieuwe president worden. Allereerst
moet hij er voor zorgen dat het Verdrag van Lissabon
ook echt werkt, dat hij zijn rol als spilfiguur
in de gloednieuwe structuur
ten volle speelt, in harmonie
met andere nieuwe en oude
spelers - de wisselende voorzitter,
de buitenlandminister, het
in macht gegroeide Europees
Parlement. Als vaste dirigent
van de Europese Raad krijgt
hij de taak om dat gezelschap
van 27 onverbeterlijke solisten,
vaak met tegenstrijdige belangen, van één partituur
te laten spelen - die van het algemene Europese
belang.
De eerste proef volgt al heel snel en ze is van enorm
belang. Europa mag dan uit de recessie zijn, de crisis
woedt hevig. De Unie telt 22,5 miljoen werklozen.
Volgende maand wil de Europese president op ‘zijn’
eerste top de gezamenlijke aanpak van de economische
relance op de agenda van de Europese Raad
plaatsen. In het diepst van de crisis bleek een echt
gecoördineerd beleid veel te hoog gegrepen.
En ook nu dreigt Europese onenigheid. Sommige
EU-landen willen de miljarden kostende stimuleringspaketten
zo gauw mogelijk afbouwen. Andere
lidstaten vinden het, gezien de rampzalige staat van
hun economie, te vroeg daarvoor. De komende weken
moet president Van Rompuy die standpunten zien
te verzoenen in een gezamenlijke aanpak. Zoals hij
gisteren zelf benadrukte: de toekomst van Europa’s
sociale model hangt er van af.
Het Limburgplan is afgelopen.
In het kader van dit plan investeerden
de Vlaamse regering en
de provincie Limburg de voorbije
vier en een half jaar bijna
700 miljoen euro om de sociaaleconomische
achterstand van
onze provincie in vergelijking
met de rest van Vlaanderen weg
te werken. Met de werkloosheidscijfers
als voornaamste maatstaf, kunnen we
zeggen dat dit Limburgplan succesvol was. Er zijn
in Limburg nog altijd iets meer werklozen dan in de
rest van Vlaanderen, maar onze achterstand is met
zo’n 70 procent teruggelopen.
Moet er een nieuw Limburgplan komen? Neen. De
sluiting van de mijnen ligt al meer dan twintig jaar
achter ons. Sindsdien hebben de Limburgplannen,
zij het onder verschillende benamingen, elkaar opgevolgd.
Er werden miljoenen en miljoenen euro’s
geïnvesteerd in onderwijs en vorming, infrastructuur
en het ontsluiten van industrieterreinen, sociale initiatieven
en toeristische projecten. Limburg is nu een
provincie zoals elke andere Vlaamse provincie. Met
dank aan de rest van Vlaanderen voor de solidariteit.
Naar een nieuw Limburgplan vragen zou niet correct
zijn. Met de afronding van dit Limburgplan is er
een definitief einde gekomen aan de reconversie van
onze provincie. Dit woord mag niet meer gebruikt
worden.
Moet er een nieuw Limburgplan
komen? Ja. Maar dan een
voor eigen gebruik als mobiliserend
project. De deputatie
onder leiding van gouverneur
Herman Reynders zou daar
het initiatief toe kunnen nemen
in samenspraak met de
werkgeversorganisaties en het
maatschappelijk middenveld.
We denken dan aan een Limburgplan waarbij een
reeks van objectieven naar voren worden geschoven,
die we tegen een bepaalde periode zouden moeten
realiseren bij middel van een reeks zeer concrete
projecten. Met LSM, dat jaarlijks kan rekenen op
belangrijke dividenden van LRM, hebben we daar
ook de middelen voor. Daarnaast moet de deputatie
in samenspraak met onze Limburgse parlementsleden
er op toezien dat onze provincie haar rechtmatig
aandeel krijgt uit de federale en vooral de Vlaamse
middelen.
Een atleet zal pas presteren wanneer hij voor zichzelf
een objectief naar voren schuift en in functie
daarvan gaat trainen. Bedrijven zetten elk jaar
opnieuw voorop welke cijfers ze willen halen en
nemen daartoe de nodige initiatieven. De Vlaamse
regering wil van Vlaanderen een topregio maken
bij middel van het actieplan Vlaanderen in Actie.
Waarom zou onze provincie dat niet doen? Met een
nieuw Limburgplan.
Het vriest stenen uit de grond.
Daklozen en asielzoekers vinden
maar moeilijk een warme
slaapplaats. De regering werkt
aan structurele oplossingen.
Die zullen er pas midden
volgend jaar zijn. Daarnaast
maakt ze ook werk van tijdelijke
opvangplaatsen in leegstaande
kazernes en overheidsgebouwen.
Maar ook dat zal niet volstaan om de ergste
nood meteen te lenigen.
Het inspireerde eerste minister Yves Leterme gisteren
tot een oproep aan het maatschappelijk middenveld,
sociale organisaties en individuele burgers om in de
mate van hun mogelijkheden mee voor tijdelijke
opvang te zorgen. De koninklijke familie reageerde
meteen. Ze stelt twee appartementen ter beschikking.
De oproep van Yves Leterme kwam donderdagnamiddag
ook ter sprake in de Kamer. Maar in
plaats van felicitaties en medewerking aan zijn
oproep, kreeg de eerste minister bakken kritiek
over zich heen gestort van Groen!-parlementslid
Wouter De Vriendt. Die vindt dat de regering op
de problemen had moeten anticiperen. Regeren is
inderdaad voorzien. Maar hoe zit het met de individuele
verantwoordelijkheid? Vele daklozen willen
helemaal geen hulp. Behalve wanneer het vriest. Dan
moet er ineens opvang zijn. Het probleem is dit jaar
extra groot, omdat er ook nog
eens veel asielzoekers zijn. Ze
komen van overal aangewaaid,
ook zij gaan er vanuit dat wij
meteen genoeg opvangplaatsen
moeten voorzien. Zo is het
gemakkelijk.
De uitval van Wouter De
Vriendt is des te meer ergerlijk
omdat de groenen op dit ogenblik
weinig recht van spreken hebben. Het Brussels
gewest loost sinds een week zijn afvalwaters
ongezuiverd in de Zenne en zo verder in de Schelde.
Voogdijminister Evelyne Huytebroeck nam niet eens
de moeite om Vlaanderen te verwittigen, sinds maandag
hangt ze de grote madam uit op de klimaattop
in Kopenhagen. Om het milieu te verdedigen. Is dit
om te lachen of om te huilen?
Gisteren keerde ze dan toch terug om zich in het
Brussels Parlement te verantwoorden. Ze vindt dat
ze geen fouten heeft gemaakt, hoogstens slecht heeft
gecommuniceerd. Te belachelijk om los te lopen. Het
is pas nadat de kranten het schandaal uitbrachten,
dat zij en haar diensten voor het eerst reageerden.
Anders had ze niks, helemaal niks gedaan. De groenen
hebben hoogdravende principes. Het is de lat
waarmee ze andere partijen meten en veroordelen.
Maar wanneer ze zelf in de fout gaan, blijven ze
gewoon zitten en proberen ze de zwarte piet door te
schuiven naar anderen. Ook dat is gemakkelijk.
De regering Leterme heeft
de anti-crisismaatregelen tot
midden volgend jaar verlengd.
Nieuw is dat arbeiders die ontslagen
worden, individueel of
na een failliet van het bedrijf,
het recht krijgen op een aanvullende
ontslagvergoeding van
1.666 euro netto. De werkgeversorganisaties
reageerden
furieus.
We begrijpen ze. Werkgevers en vakbonden onderhandelen
al maanden over een eenheidsstatuut voor
arbeiders en bedienden. Een volledig akkoord zit
er niet meteen in. Maar de laatste weken was er
wel zicht op een eerste doorbraak. Dat wordt ook
bij de christelijke vakbond ACV toegegeven. Maar
toen het akkoord moest afgerond worden, koos
de socialistische vakbond ABVV voor de vlucht
vooruit. Ze stapte naar de regering, in feite naar de
PS, met de boodschap dat de anti-crisismaatregelen
niet mochten verlengd worden zonder een hogere
ontslagpremie voor de arbeiders. Waarop de PS de
forcing voerde en CD&V en cdH – om het ACV niet
in de kou te zetten – instemden. De liberalen zaten
er bij en keken er naar.
Oh ja, waarom het ABVV dit deed? Simpel. In juni
2010 moet het voorzittersduo Rudy De Leeuw-Anne
Demelenne herverkozen worden. Ze voeren campagne
op kosten van regering en werkgevers.
De tweede reden waarom
de werkgevers kwaad zijn, is
omwille van de verpakking van
de maatregel. De werkgevers
draaien op voor eenderde van
de ontslagpremie. Maar wanneer
ze arbeiders eerst naar
de technische werkloosheid
sturen, moeten ze niks betalen.
Tot nu was technische werkloosheid
een geruststelling voor arbeiders, ze wisten
dat hun werkgevers hen niet kwijt wilden. Nu zullen
ze technische werkloosheid ervaren als een voorbode
van ontslag. Dat zal voor onrust op de werkvloer
zorgen, misschien zelfs voor stakingen. Dat kunnen
bedrijven missen als de pest.
Overigens, het is helemaal niet zo dat werkgevers
graag personeel afdanken, ook niet in crisistijden.
Wanneer de economie herstelt, zullen ze opnieuw
meer mensen nodig hebben. En gezien de vergrijzing
zullen ze binnenkort zelfs moeten vechten om goed
personeel. Waarom zouden ze hun goede mensen nu
aan de deur zetten?
In de herfst van volgend jaar moeten werkgevers
en vakbonden onderhandelen over de loon- en
arbeidsvoorwaarden voor de periode 2011-2012.
Dat wordt nu moeilijk. Het zal alleen kunnen indien
de regering met geld over de brug komt. Ze heeft
zich daar zelf toe veroordeeld met dit akkoord. De
belastingbetaler is de dupe.
Er komt dan toch geen belangenconflict
over de nieuwe
tewerkstellingsmaatregelen van
federaal minister van Werk Joelle
Milquet. Vlaams minister
van Werk Philippe Muyters
en Joëlle Milquet hebben hun
discussie bijgelegd. Milquet
past haar maatregelen aan.
Het akkoord kwam er mede
onder impuls van eerste minister Yves Leterme en
minister-president Kris Peeters.
Het incident leert ons drie zaken.
Een. Er zijn geen federale ministers meer. Joëlle
Milquet liet zich bij het uitwerken van haar tewerkstellingsmaatregelen
inspireren door wat er op de
Franstalige arbeidsmarkt leeft. Men kan haar dat
niet eens kwalijk nemen. Ze woont in Brussel, wordt
in Franstalig België verkozen. Ook Vlaamse federale
ministers laten zich in hun beleid in eerste instantie
inspireren door wat in Vlaanderen leeft. Zo riep
het Congo-beleid van Karel De Gucht vragen op
in Franstalig België. Idem dito voor wat Etienne
Schouppe doet. Verkeersveiligheid is een minder
belangrijke prioriteit in Wallonië.
Twee. Het is moeilijk om nog een federaal tewerkstellingsbeleid
te voeren. De Vlaamse, Brusselse en
Waalse arbeidsmarkt groeien uit elkaar. Om goed
te doen, zou men het tewerkstellingbeleid moeten
regionaliseren, dan zou iedereen maatregelen op
maat kunnen nemen. Daar
is een staatshervorming voor
nodig. Vlaanderen wil wel,
Franstalig België aarzelt, iedereen
verliest.
Drie. De communautaire zenuwen
blijven strak gespannen.
De relatief kleine maatregelen
die Joëlle Milquet voorstelde,
werden in de federale regering
mee goedgekeurd door de CD&V. En door dezelfde
CD&V verworpen in de Vlaamse regering. De reden
daarvoor kennen we. De CD&V werd opgejaagd
door de N-VA nadat de partij van Bart De Wever
zelf eerst was opgejaagd door Vlaams Belang en
LDD. Wanneer een Franstalige federale minister
iets beslist, dan ligt dat bij voorbaat moeilijk bij de
Vlaamse regering. En wanneer de Vlaamse regering
om aanpassingen vraagt, dan heeft een Franstalige
federale minister het bij voorbaat moeilijk om zijn
voorstellen aan te passen.
Joëlle Milquet ging zelfs zo ver om met een ‘ernstige’
politieke crisis te dreigen indien de Vlaamse regering
haar belangenconflict zou voortzetten. Dat is pas
verontrustend . Wat moet dat geven wanneer in de
lente van volgend jaar de splitsing van de kieskring
Brussel-Halle-Vilvoorde weer op de regeringstafel
komt. Hoe kan men dat oplossen indien in de ogen
van Joëlle Milquet deze eerder beperkte maatregelen
al een crisis waard zijn?
Alexander De Croo is de
nieuwe voorzitter van Open
Vld. Hij haalde het in de tweede
ronde met een aanzienlijk verschil
van Marino Keulen. In de
eerste ronde had Gwendolyn
Rutten al de duimen moeten
leggen. Tijdens de circa twintig
voorzittersdebatten was ze
bijna altijd de beste. Maar de
kabinetschef van o.a. Fientje Moerman en Dirk Van
Mechelen haalde het niet wegens te weinig bekend
bij de leden.
Marino Keulen is wel bekend maar haalde het evenmin.
Wat er misliep? We weten het niet. De meest
voor de hand liggende uitleg is dat de leden ook van
Marino Keulen vinden dat hij tot de gestelde lichamen
van Open Vld behoort. De gestelde lichamen
die de partij eerst groot maakten met hun ideeën en
vervolgens ten onder lieten gaan door hun ideeën
in te ruilen voor platte macht en vooral ook voor
postjes voor zichzelf.
De nieuwe voorzitter is pas sinds twee jaar politiek
actief; en dat enkel op heel lokaal niveau. Hij
heeft dus geen enkele staat van verdienste. En ook
zijn programma was niet spectaculair verschillend
van dat van de twee andere kandidaten. Dat hij
het toch haalde, heeft dan ook veel te maken met
zijn familienaam. De nieuwe voorzitter heeft ook
geen enkele relevante politieke ervaring. Maar dat
hoeft geen groot probleem te
zijn. Degenen die tot gisteren
de partij leidden, hadden wel
veel ervaring. Maar het hielp
niet om Open Vld te behoeden
voor vier opeenvolgende verkiezingsnederlagen.
Alexander De Croo is de
tweede De Croo die de partij
mag voorzitten. Toen Guy
Verhofstadt in 1995 er andermaal niet in slaagde
om de liberalen in de regering te loodsen, trok hij
zich terug in zijn geliefde Toscanië. In afwachting
van zijn terugkeer zou Patrick Dewael op de meubelen
letten. Althans, dat was de bedoeling, maar
hij verloor de voorzittersverkiezingen van Herman
De Croo. Die liet uitschijnen dat hij Open Vld wel
opnieuw in een regering zou krijgen, maar mislukte.
In feite leverde Herman De Croo toen niet veel meer
dan de tegenproef: Open Vld kan niet zonder Guy
Verhofstadt, waarna die triomfantelijk terugkeerde
om uiteindelijk de Wetstraat 16 te veroveren.
Zal Alexander De Croo beter doen dan zijn vader?
Afwachten. Het grote probleem met Open Vld, naast
machtshonger en zelfbediening, is het feit dat de ‘V’
uit de partijnaam elke betekenis heeft verloren. Veel
liberale kiezers stemden deze keer voor de N-VA
van Bart De Wever. Herman De Croo is een echte
Belgicist. Hoe zit het met zijn zoon? Die is slim, zegt
misschien iets anders, maar meent hij het ook?
De kostendekkingsgraad bij
De Lijn is klein. Dat blijkt
uit een studie waarbij De Lijn
vergeleken wordt met vervoersmaatschappijen
in Schotland,
Zuid-Nederland en Noordrijn-
Westfalen. De Lijn haalt nog
maar 16 procent van haar
inkomsten uit tickets en abonnementen,
de belastingbetaler
legt de rest bij. In Zuid-Nederland is de kostendekkingsgraad
het dubbele en in de regio Keulen-Bonn
zelfs het viervoudige.
Huidig minister Ingrid Lieten was jarenlang de grote
baas van De Lijn. Haar toenmalige voogdijministers
waren o.a. Steve Stevaert en Kathleen Van Brempt.
Zij waren de succesvolle promotors van De Lijn.
Van 1999 tot nu steeg het reizigersaantal van 223
naar 508 miljoen reizigers per jaar of méér dan
een verdubbeling. Het succes van De Lijn wordt
ervaren als het succes van de sp.a. Dat stak de ogen
uit, dat doet het nog altijd. Van CD&V en N-VA
toen ze in de oppositie zaten, maar zich nu gedeisd
houden. Van Open Vld die in de regering zat en mee
de beslissingen nam maar nu in de oppositie zit en
de PWC-studie gebruikt om te zeggen dat De Lijn
niet efficiënt werkt.
Dat is een foute conclusie. De studie toont aan dat
De Lijn - gebonden door het decreet basismobiliteit
dat wil dat elke Vlaming binnen de kilometer een bus
of tram moet kunnen nemen en
dat er een regelmatig aanbod
moet zijn - wel degelijk zeer
efficiënt werkt. Alleen de kostendekkingsgraad
is laag. Dat
komt omdat de tickets, vooral
die voor langere verplaatsingen,
en de abonnementen zéér
goedkoop zijn. En omdat veel
gebruikers gratis mogen reizen.
Maar dat is geen beslissing van De Lijn, dat is een
politieke beslissing, dat heeft het Vlaams Parlement
beslist. Het is zelfs zo dat De Lijn de prijzen niet eens
mag optrekken, ze mogen volgens het decreet slechts
geïndexeerd worden.
Natuurlijk kunnen Vlaams regering en Vlaams
Parlement beslissen om de prijzen op te trekken.
Maar men moet wel weten wat men wil. Duurdere
tickets en abonnementen betekent minder reizigers
en meer auto’s en files. Men kan ook het decreet
basismobiliteit aanpassen, maar niet iedereen heeft
een eerste of een tweede auto. Ook het argument
dat de belastingbetaler opdraait voor De Lijn houdt
weinig steek. Per reiziger/kilometer kost de nochtans
al zwaar belaste auto de belastingbetaler meer dan
bus of tram wanneer men ook rekening houdt met de
aanleg en het onderhoud van wegen, de ecologische
kost als gevolg van CO2-uitstoot en de ziektekosten
als gevolg van het veel grotere aantal verkeersongevallen
met auto’s.
De commissie institutionele
aangelegenheden van de Senaat
buigt zich vandaag over een
wetsvoorstel van PS, Open Vld,
MR en Ecolo over de scheiding
van kerk en staat. Dat principe
staat al in de grondwet. Met
hun wetsvoorstel willen ze die
scheiding absoluut maken.
Mocht het wetsvoorstel ook
wet worden, dan heeft dat verregaande gevolgen
zoals een algeheel verbod voor ambtenaren op het
dragen van een hoofddoek tijdens de diensturen en
een verbod voor burgemeesters om in hun hoedanigheid
van burgemeester mee te lopen in een processie.
Het zou ook betekenen dat er geen kruisbeelden meer
mogen staan op kerkhoven.
Maar goed dat er een scheiding is tussen kerk en
staat. Maar goed dat de wetten van de staat voor
gaan op de geboden van de katholieke kerk en straks
– gezien de demografische evoluties – misschien wel
op de sharia. Maar waarom die scheiding tussen
kerk en staat zo absoluut te maken? We hebben niet
de indruk dat de katholieke kerk nog erg bedreigend
is. Of is het uit vrees voor de islam?
Waar zijn we toch mee bezig? We vinden van onszelf
dat we tolerant zijn, dat we iedereen een plaatsje onder
de zon gunnen, dat we respect hebben voor ieder
zijn overtuiging. Maar in de feiten hebben we van
alles last. Alles wordt verboden. Weg met de hoofddoek.
Weg met de kruisbeelden
in overheidsgebouwen en op
kerkhoven, sorry, begraafplaatsen.
Geen minaretten. Geen
kerststallen in de stad. Sinterklaas
is niet langer welkom in
gemeenschapsscholen en zijn
helpers mogen niet meer zwart
zijn.
We zitten op een hellend vlak.
Vandaag worden de religieuze symbolen aangepakt.
Wat wordt het morgen? Wordt het Rotary-speldje
verboden wegens te elitair? Wordt het dragen van
een voetbaltruitje in de stad verboden omdat het
agressie zou kunnen uitlokken bij supporters van een
andere club? Wordt straks de roos verboden omdat
die doet denken aan de socialisten?. En wordt het
blauw krijtjespak verboden omdat dit symbool staat
voor snelle managers en - nog erger - bankiers?
Deze waanzin moet ophouden. Het wordt de hoogste
tijd dat we weer respect gaan opbrengen voor de anderen.
Ook wanneer die een andere politieke overtuiging
hebben. Ook wanneer die een andere godsdienst
belijden. Ook wanneer die een andere huidskleur
hebben. Ook wanneer die seksueel anders geaard
zijn. Ook wanneer die voor een andere voetbalclub
supporteren. Wanneer iedereen de andere respecteert,
zal iedereen ook zelf gerespecteerd worden. Het zou
het samenleven ten zeerste vergemakkelijken. En
stomme wetten overbodig maken.
Het Vlaams Parlement debatteerde
gisteren over het ontslag
van VRT-baas Dirk Wauters.
Dat gebeurde in de commissie
media. De oppositie was daar
niet mee opgezet, had liever
deze namiddag in de plenaire
vergadering gedebatteerd...
voor het oog van de tv-camera’s
van Villa Politica.
Maar goed, dat ter zijde. Belangrijker is de vraag
waarom Dirk Wauters ontslag moest nemen én wie
het provoceerde. Over het antwoord op het eerste
deel van de vraag is zowat iedereen het eens. Dirk
Wauters is géén goede people-manager en dat is
uiteraard een probleem in een bedrijf dat na de megalomane
plannen van het duo Mary-Van Hecke
moet besparen en afslanken. Dan heeft men niet veel
vrienden. Hij was ook te weinig doortastend en had
een moeilijke relatie met de politiek. Ook dat is een
probleem voor een bedrijf dat uit het handje van de
Vlaamse regering eet.
De vraag wie het ontslag van Dirk Wauters provoceerde,
is moeilijker te beantwoorden. Er circuleren
meerdere versies. Een eerste versie wil dat het directiecomité
naar de raad van bestuur stapte om het
ontslag van Dirk Wauters te vragen. Nadat voorzitter
Guy Peeters (sp.a) dat feit eerst in de pers lekte, stapte
hij naar de Vlaamse regering om op zijn beurt het
ontslag van Dirk Wauters te vragen... en zo de weg
vrij te maken voor een nieuwe
VRT-baas van sp.a-signatuur.
Een variante wil dat hij dat niet
op eigen initiatief deed, maar
door minister-president Kris
Peeters geconvoceerd werd. Die
zag zijn kans eindelijk schoon
om Dirk Wauters te ontslaan.
Dat had hij eerder al willen
doen, toen hij in de vorige
regering na het ontslag van Geert Bourgeois ook
een jaar lang minister van Media was. Maar toen
niet durfde net voor de verkiezingen.
De tweede versie wil dat N-VA-voorzitter Bart De
Wever, op de hoogte van de vraag van het directiecomité,
het nieuws lekte en daarmee Kris Peeters het
alibi gaf om Dirk Wauters eindelijk te ontslaan. In
ruil daarvoor mag de N-VA mee delen in een aantal
te begeven topfuncties. Dit scenario houdt wel in dat
de N-VA dubbelspel speelde, want Geert Bourgeois
bleef tot op het laatst Dirk Wauters verdedigen.
Welke versie de juiste is? We weten het niet. Misschien
is het zelfs zo dat, Geert Bourgeois uitgezonderd,
iedereen overtuigd was dat in het belang van de VRT
Dirk Wauters weg moest. Feit is dat hij nu weg is, dat
er een nieuwe VRT-baas moet komen én een nieuwe
voorzitter - in principe een CD&V’er - in opvolging
van Guy Peeters die na twee mandaten niet kan
terugkeren. En dat zorgt voor nogal wat spanningen
tussen de Vlaamse meerderheidspartijen.