Van Limburg naar New York verhuizen is een beetje zoals in de Twilight Zone terechtkomen: oppervlakkig gezien lijkt alles hetzelfde, maar niets is wat het lijkt.
Zelfs tijdens een gewoon supermarktbezoek - ja, ze hebben hier supermarkten - gebeuren er rare dingen om je heen. ‘La vache qui rit’ heet hier ‘The laughing cow’, alle groenten en fruit zijn ongeveer de helft groter dan thuis. Pruimen zijn zo groot als appels, appels zoiets als een pompelmoes en watermeloenen ben ik nog niet tegengekomen, maar ik hou mijn hart al vast. Ik blijf me afvragen waarom alles hier groter is.
Ik dacht eerst aan een plaatselijke variëteit, maar op mijn tomaat stond wel degelijk ‘Hollandia’. En melk komt alleen in plastic bussen van twee liter, het soort waarin wij thuis wasverzachter kopen. Smakelijk!
Shampoo moet je dan weer niet proberen te kopen in een supermarkt, maar in een ‘pharmacy’. En haarverzorging, dat heb ik nodig, want naar de kapper gaan zit er voorlopig niet in. Wij wonen hier namelijk in Harlem, het noordelijke deel van Manhattan, een buurt overwegend bevolkt door African-Americans.
Waardoor alle kappers die ik tot nu toe gezien heb, een groot bord in hun etalage hebben: ‘Laat hier je afro-vlechtjes zetten’, niet echt iets voor mij dus. En waardoor ik er mij voor het eerst in mijn leven bewust van ben blank te zijn. Zelfs in België ben ik aan de bleke kant, maar het is toch een vreemde gewaarwording om op een drukke winkelstraat te beseffen dat je de enige witte persoon in een straal van een kilometer bent.
Het feit dat we in Harlem wonen, doet op het thuisfront weleens de wenkbrauwen fronsen, maar het is een heel fijne buurt. Straten met voetpaden van vijf meter breed, auto’s langs twee kanten geparkeerd, en overal bomen – die zijn belangrijk voor een bio-ingenieur!
Heel anders dan ik me New York had ingebeeld. En zo zijn er wel meer dingen die niet blijken te kloppen. Uiteindelijk was heel mijn voorstelling van de stad gebaseerd op films en tv-programma’s. Nu ik hier ben, blijkt dat bijna niemand er uitziet als Carrie Bradshaw in Sex and The City, zelfs in de verste verte niet. Bovendien nemen normale mensen niet de hele tijd die beroemde ‘yellow cab’. Die kunnen dat niet betalen en reizen gewoon met de metro. En zo maakt mijn Hollywood-versie van NY langzaam plaats voor de echte stad.
Al zijn er gelukkig ook dingen die overal ter wereld hetzelfde zijn. Waar trekt een jong koppel met een leeg appartement naartoe? Juist ja: Ikea. Met het kleine verschil dat je hier in het Ikea-restaurant in Brooklyn Zweedse balletjes kunt eten met... uitzicht op het Vrijheidsbeeld.
I love NY.
